Benny Behr, een succesvolle violist uit Groningen

tekst: Hans Knot

Zijn naam werd thuis vaak genoemd als hij weer eens te beluisteren was in een radioprogramma of te zien was op de televisie in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw. Vader vertelde dan dat Benny Behr een leeftijdsgenoot was en hij in Groningen was geboren en hem vaak had ontmoet. Ook vertelde hij dat Benny een uitstekende violist was die al decennia optrad. Vader, die lid was geweest van de KOV in Groningen (Katholieke Oratorium Vereniging) wist ook te melden dat Benny Behr – samen met Sem Nijveen – wel in een begeleidend orkest had gespeeld bij de optredens van het KOV.

Behr werd op 27 februari 1911 geboren en kreeg de naam Benjamin Behr mee. Vanaf zijn achtste jaar kreeg hij vioolles en als tiener speelde hij al bij de Groninger Orkest Vereniging, dat gezien kan worden als de voorloper van het Noordelijk Filharmonisch Orkest. Bij de GOV in Groningen, waar Benny Behr op zijn zeventiende levensjaar al in speelde bleef hij negen jaar actief.

Naast het spelen van klassieke muziek was hij ook dol op Jazz en vele malen nam hij zijn koffergrammofoon mee naar repetitieavonden om zijn collegae te laten genieten van zijn platen zoals Louis Amstrong en Django Rheinhard zijn Hotclub de France. Hij had daarbij het geluk dat de toenmalige dirigent van de GOV, Kor Kuiler, er zelf ook plezier aan beleefde. Mede door het enthousiasme van Benny Behr en enkele andere leden van de GOV ontstond in 1933 de formatie: ‘The Blue Lyres’, waarin hij zelf altsaxofoon speelde. Men had onder meer engagementen in Groninger uitgaansgelegenheden uit die tijd als Frigge, Astoria en de Harmonie.

Benny Behr (links) en Sem Nijveen [ANP Historisch Archief - http://www.anp-archief.nl/page/2176438/nl, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=49124785]

Zo ging er een anekdote waarin Benny Behr een rol speelde. Als er een zondagavond concert was van het GOV in de Harmonie in Groningen werd de pauze door hem niet benut om een kop koffie of thee te drinken. Hij gunde zich daar geen tijd voor. Hij snelde liever per voet naar Astoria, dat verderop in de Oude Kijk in ’t Jatstraat, niet ver verwijderd van de Harmonie, was gelegen. Niet dat hij geen grote interesse had voor de klassieke muziek of dat hij erg veel van dansen hield. De ware reden was dat hij graag van de pauze van het klassieke concert gebruik maakte zich te voegen bij de anderen leden van ‘De Blue Lyres’, die vaak in Astoria optraden op de zondagavonden.

Hij speelde daar een paar nummers mee om vervolgens terug te gaan naar de Harmonie en het werk van Brahms en Mozart mee te spelen. Ook na afloop van het klassieke concert verdween Benny Behr naar de overkant van de straat om in Astoria zijn band tot het middernachtelijke uur aan te voeren. Het werd ook van hem verwacht, want immers was hij de leider van de voornoemde band.

Maar na een aantal jaren besloot hij toch dat er in Groningen niet veel brood op de tafel kwam met de optredens en besloot hij naar het westen te verkassen. Vanaf 1937 speelde hij vervolgens als saxofonist bij ‘Jack de Vries’ Internationals’ uit Amsterdam, waar ook zanger Leo Fuld aan was verbonden en een groep die als zeer belangrijk voor die tijd werd omschreven. Voor de aanvang van de Tweede Wereldoorlog trouwde Benny Behr met een niet-Joodse vrouw, Wien Bouwina Sijtina Havinga. Daarom genoot hij, net als de anderen die met niet-Joden getrouwd waren, tijdelijk beperkte vrijheid, totdat ook de Joden uit gemengde huwelijken zich dienden te melden of opgepakt werden.

Aanvankelijk werd Benny Behr in maart 1944 opgesloten in een vrij gematigd kamp nabij Havelte, in Drenthe. Nadat hij op een gegeven moment Havelte illegaal had weten te verlaten, werd hij opnieuw in Groningen gearresteerd door twee Nederlandse SD-agenten, die hem op 1 augustus 1944 naar Westerbork brachten, waar hij opgesloten werd in de strafbarak. Toen deze barak begin september werd opgeheven, nadat het laatste transport uit Westerbork naar Auschwitz/Birkenau was vertrokken, mochten Benny Behr en 50 mede strafgevangenen zich bij de rest van de kampbewoners voegen. Benny overleefde het kamp en werd samen met 877 medegevangenen op 12 april 1945 door de Canadezen bevrijd.

Metropole Orkest, 1945

Twee weken na de Bezetting speelde Benny Behr al weer in verschillende orkestjes en liet zich onder meer in Hilversum steeds vaker zien en horen. Hij trad daar allereerst toe tot het net opgerichte Metropole Orkest dat bloeiende jaren beleefde onder leiding van Dolf van der Linden. Op een bepaald moment werd hij benoemd, samen met jeugdvriend Sem Nijveen, tot concertmeester. Hilversum leerde hem dus goed kennen maar ook luisterend Nederland.

Naast het werk voor het Metropole Orkest werkte hij ook voor het Jan Corduweners Ballroom Orkest, de Klompendansers onder leiding van Cor Steyn en het orkest van Ger van Leeuwen. En ook deze orkesten kwamen veelvuldig voorbij bij de Hilversumse omroepen via de radio. Benny Behr kreeg op een bepaald moment een veel grotere aanhang doordat hij meer en meer solo was te horen.

Vanaf 1955 was hij ook meerdere malen op de televisie te zien. De eerste keer was dat trouwens samen met zijn jeugdvriend Sem Nijveen in een televisieprogramma van de VARA dat de geschiedenis is ingegaan als ‘Saint Germain des Prés’. Het was een programma in zwart wit waarin Tom Manders als Dorus een belangrijke rol speelde. Bij de VARA kreeg Behr later samen met Jan Corduwener Sr. een eigen programma, ‘Varietéve’. Ze speelden daar op verschillende instrumenten want naast de viool was ook het geluid van onder meer de fluit, een saxofoon en een klarinet in het programma te horen.

Met Sem Nijveen vormde hij in 1959 ook een komisch viool-duo onder de naam de Behr-brothers, dat internationale roem verwierf met muzikale acts. Ze traden steeds vaker op in de shows van Tom Manders, die met het idee kwam tot oprichting van dit duo. In de jaren erna verdiepte Behr zich meer en meer in de Hongaarse en Roemeense muziek, waarbij zijn viool-soli in dit genre zijn specialiteit werd. Maar hij maakte ook speciale LP’s met onder meer de Joodse zanger Nathan Spiro en hij had grote bewondering voor het werk van Jascha Heifetz, David Oistrach en Zino Francescatti. Dat Benny Behr al dan niet met Sem Nijveen meer en meer op de televisie kwam betekende niet dat hijzelf in die tijd een toestel aanschafte.

Zijn muzikale loopbaan zou nog tot in het tweede deel van de jaren zeventig doorgaan waarbij hij onder meer in het orkest van Dick Bakker speelde. Vanaf 1990 voelde hij zich verlaten door mensen die hem vroeger op handen droegen. Op 16 augustus 1995 overleed Benny Behr op 84-jarige leeftijd in zijn toenmalige woonplaats Hilversum.

Zie hier een fragment uit een VARA programma waarin naast Benny Behr ook Cor Steijn en Sem Nijveen te zien en te horen zijn.

 

Bronnen: Trouw 1995
Groninger Poparchief
www.geni.com
www.holocaust-lestweforget.com/musician-benny-behrdutch.html
Wereldkroniek 1957
Wikipedia

Comments are closed.